Rode hond en zwangerschap

Rode hond is een infectieziekte en wordt veroorzaakt door een virus. Het is een kinderziekte die steeds minder voorkomt. Steeds meer kinderen worden namelijk ingeënt tegen de ziekte. Dit wordt gedaan met een BMR vaccinatie. Deze inenting zal er voor zorgen dat 95 % van de ingeënte mensen de ziekte niet krijgt. Dankzij de vaccinatie worden er antistoffen aangemaakt. In 5 % van de gevallen is het toch mogelijk dat de ziekte ontstaat. De eerste prik wordt gegeven op een leeftijd van 14 maanden. Een tweede prik zal worden gegeven op de leeftijd van 9 jaar. Wanneer je de ziekte rode hond een keer hebt gehad, zal je deze niet weer krijgen. Je bent er dan immuun voor geworden. Ondanks het feit dat je kunt worden ingeënt bestaat er de mogelijkheid dat je de ziekte toch krijgt. Daarom komt rode hond nog steeds voor. De besmetting vindt vaak plaats door hoesten of niezen. Ook kan de ziekte worden overgebracht door speeksel en het neusslijm. Zwangere vrouwen die rode hond krijgen, moeten extra goed oppassen en direct een arts raadplegen. Het is immers mogelijk dat het ongeboren kind hierdoor afwijkingen krijgt.

Rode hond bij zwangere vrouw

Als een zwangere vrouw rode hond krijgt en geen antistoffen tegen het virus heeft, kan dit een infectie veroorzaken bij het kind. De kans op afwijkingen is het grootst in de eerste 11 weken. Wanneer er een infectie plaatsvindt voor de 11e week, dan kunnen er meerdere afwijkingen ontstaan. Zo kan er hersenbeschadiging bij de ongeboren baby optreden. Dat kan er voor zorgen dat het kind verstandelijk en lichamelijk beperkt ter wereld komt. Het is ook mogelijk dat er in de eerste levensjaren van het kind nog geen afwijkingen aan het licht komen. Maar deze kunnen zich ontwikkelingen in de loop der jaren, bijvoorbeeld een vertraagde ontwikkeling van het verstand en doofheid.

Rode hond voorkomen

Rode hond is op één manier te voorkomen. Namelijk door het inenten op vroege leeftijd. Wanneer je bent ingeënt tegen rode hond, zal dit er voor zorgen dat je in 95 % van de gevallen geen rode hond krijgt. Voor de zwangerschap moet je nagaan of je een vaccinatie hebt gehad. Wanneer je geen papieren bezit waarop je kunt zien of je vroeger bent ingeënt, kun je aan je ouders vragen of zij je in je kindertijd hebben laten inenten. Wanneer ze dit niet meer weten, kun je naar de GGD of de huisarts gaan. Je bloed kan dan worden onderzocht worden op antistoffen. Deze antistoffen maakt je lichaam immers aan als je bent ingeënt. Als je geen of onvoldoende antistoffen in je lichaam hebt, kun je alsnog worden ingeënt. Je moet dan drie maanden wachten, voordat je zwanger wordt. Het is dus mogelijk om rode hond te voorkomen. Op deze manier zorg je er voor dat je kind of je ongeboren baby niet zal worden getroffen door het virus.

Een kinderziekte met vlekjes